Tagarchief: kerstliederen

Tien bekende christelijke kerstliederen. Tekst en video van Stille nacht, Eer zij God in deze dagen en Komt allen tezamen

1. Daar is uit ’s werelds duist’re wolken
2. De herdertjes lagen bij nachte
3. Eer zij God in deze dagen
4. Ere zij God
5. Hoor d’engelen zingen d’eer
6. Komt allen tezamen
7. Komt verwondert u hier mensen
8. Midden in de winternacht
9. Nu Zijt welle kome
10. Stille Nacht

1. Daar is uit ’s werelds duist’re wolken

Daar is uit ’s werelds duist’re wolken
een licht der lichten opgegaan.
Komt tot zijn schijnsel, alle volken,
en gij, mijn ziele, bid het aan!
Het komt de schaduwen beschijnen,
de zwarte schaduw van de dood.
De nacht der zonde zal verdwijnen,
genade spreidt haar morgenrood.

Gij wilt met vrede tot ons komen,
met vreed’ en vrijheid, vreugd’ en eer.
Het juk is van de hals genomen,
God lof, wij zijn geen slaven meer!
De staf des drijvers ligt verbroken,
aan wie ons hart zich had verkocht,
en ’t wapentuig in brand gestoken
van hem, die onze ziele zocht.

Wat heil, een Kind is ons geboren,
een Zoon gegeven door Gods kracht!
De heerschappij zal Hem behoren,
zijn last is licht, zijn juk is zacht.
Zijn naam is Wonderbaar, zijn daden
zijn wondren van genaad’ alleen.
Hij doet ons, hoe met schuld beladen,
verzoend voor ’t oog des Vaders treen.

o Vredevorst, Gij kunt gebieden
de vreed’ op aard’ en in mijn ziel!
Doe alle volken tot U vlieden,
dat al wat ademt voor U kniel!
Des Heren ijver zal bewerken,
dat Hij de zetel, U bereid,
met recht en met gericht zal sterken.
Hem zij de lof in eeuwigheid!

 

2. Kerstlied: De herdertjes lagen bij nachte

De herdertjes lagen bij nachte
Zij lagen bij nacht in het veld
Zij hielden vol trouwe de wachte
Zij hadden hun schaapjes geteld
Daar hoorden zij ‘d engelen zingen
Hun liederen vloeiend en klaar
De herders naar Bethlehem gingen
’t Liep tegen het nieuwe jaar

Toen zij er te Bethlehem kwamen
Daar schoten drie stralen dooreen
Een straal van omhoog zij vernamen
Een straal uit het kribje benee
Daar vlamd’ er een straal uit hun ogen
En viel op het Kindeke teer
Zij stonden tot schreiens bewogen
En knielden bij Jezus neer

Maria die bloosde van weelde
Van ootmoed en lieflijke vreugd
De goede Sint Jozef hij streelde
Het Kindje der mensen geneugt
De herders bevalen te weiden
Hun schaapkens aan d’engelenschaar
Wij kunnen van ’t kribje niet scheiden
Wij wachten het nieuwe jaar

3. Kerstlied: Eer zij God in onze dagen

Eer zij God in onze dagen
Eer zij God in deze tijd
Mensen van het welbehagen
Roept de aarde vrede uit
Gloria in excelcis Deo
Gloria in excelcis Deo
Gloria in excelcis Deo

Eer zij God die onze vader
En die onze koning is
Eer zij God die op de aarde
Naar ons toegekomen is
Gloria in excelcis Deo
Gloria in excelcis Deo
Gloria in excelcis Deo

Lam van God Gij hebt gedragen
Alle schuld tot elke prijs
Geef in onze levensdagen
Peis en vree kyrieeleis

Gloria in excelcis Deo
Gloria in excelcis Deo
Gloria in excelcis Deo

4. Kerstlied: Ere zij God

Ere zij God
Ere zij God
In de hoge, in de hoge, in de hoge
Vrede op aarde, vrede op aarde
In de mensen een welbehagen.

Ere zij God in de hoge
Ere zij God in de hoge
Vrede op aarde, vrede op aarde
Vrede op aarde, vrede op aarde
In de mensen, in de mensen een welbehagen
In de mensen een welbehagen, een welbehagen

Ere zij God
Ere zij God
In de hoge, in de hoge, in de hoge
Vrede op aarde
Vrede op aarde
In de mensen een welbehagen.

Amen, amen.

5. Kerstlied: Hoor d’engelen zingen d’eer

Hoor de eng’len zingen d’eer
van de nieuwgeboren Heer!
Vreed’ op aarde, ’t is vervuld:
God verzoent der mensen schuld.
Voegt u, volken, in het koor,
dat weerklinkt de hemel door,
mensentong en eng’lenstem,
zingt het Kind van Bethlehem!
Hoor de eng’len zingen d’eer
van de nieuwgeboren Heer!

Hij, die heerst op ’s hemels troon,
Christus d’eeuw’ge Vaders Zoon,
wordt geboren uit een maagd
op de tijd die God behaagt.
Vleesgeworden woord van God,
mens geworden om ons lot.
U, der mensen een, o Heer,
U Immanuel, zij eer!
Hoor de eng’len zingen d’eer
van de nieuwgeboren Heer!

Heil de Vorst der eeuwigheid,
Zonne der gerechtigheid!
Van zijn vleug’len dalen neer,
licht en leven altijd weer.
Lof U, die Uw glorie deed,
schuilen in het aardekleed,
opdat wij, van zonde rein,
nieuwgeboren zouden zijn.
Hoor de eng’len zingen d’eer
van de nieuwgeboren Heer!

6. Kerstlied: Komt allen tezamen

Komt allen tezamen,
jubelend van vreugde:
Komt nu, o komt nu naar Bethlehem!
Ziet nu de vorst der eng’len hier geboren
Komt, laten wij aanbidden,
komt, laten wij aanbidden,
komt, laten wij aanbidden die Koning.

Komt allen tezamen,
komt verheugd van harte
Bethlehems stal in den geest bezocht
Ziet nu dat kindje, ons tot heil geboren
Komt, laten wij aanbidden
komt, laten wij aanbidden
komt, laten wij aanbidden die Koning.

De hemelse englen
riepen eens de herders
weg van de kudde naar ’t schamel dak.
Spoeden ook wij ons met eerbiedige schreden!
Komt, laten wij aanbidden
komt, laten wij aanbidden
komt, laten wij aanbidden die Koning.

Het licht van de Vader,
licht van den beginne,
zien wij omsluierd, verhuld in ’t vlees:
goddelijk kind, gewonden in de doeken!
Komt, laten wij aanbidden
komt, laten wij aanbidden
komt, laten wij aanbidden die Koning.

O kind, ons geboren,
liggend in de kribbe,
neem onze liefd’ in genade aan!
U, die ons liefhebt, U behoort ons harte!
Komt, laten wij aanbidden,
komt, laten wij aanbidden,
komt, laten wij aanbidden die Koning.

7. Kerstlied: Komt verwondert u hier mensen

Komt, verwondert u hier, mensen,
ziet, hoe dat u God bemint,
ziet vervuld der zielen wensen,
ziet dit nieuw geboren kind!
Ziet, die ’t woord is, zonder spreken,
ziet, die vorst is, zonder pracht,
ziet, die ’t al is, in gebreken,
ziet, die ’t licht is, in de nacht,
ziet, die ’t goed is, dat zo zoet is,
wordt verstoten, wordt veracht.

Ziet, hoe dat men met Hem handelt,
hoe men Hem in doeken bindt,
die met zijne godheid wandelt
op de vleugels van de wind.
Ziet, hoe ligt Hij hier in lijden
zonder teken van verstand,
die de hemel moet verblijden,
die de kroon der wijsheid spant.
Ziet, hoe tere is de Here,
die ’t al draagt in zijne hand.

O Heer Jesu, God en mense,
die aanvaard hebt deze staat,
geef mij wat ik door U wense,
geef mij door uw kindsheid raad.
Sterk mij door uw tere handen,

maak mij door uw kleinheid groot,
maak mij vrij door uwe banden,
maak mij rijk door uwe nood,
maak mij blijde door uw lijden,
maak mij levend door uw dood!

8. Kerstlied: Midden in de winternacht

Midden in de winternacht, ging de hemel open.
Die ons heil der wereld bracht, antwoord op ons hopen

Elke vogel zingt zijn lied, herders waarom zingt gij niet
Laat de citers slaan, blaast de fluiten aan
Laat de bel, laat de trom, laat de beltrom horen:
Christus is geboren!

Vrede was er overal, wilde dieren kwamen
Bij de schapen in de stal, en zij speelden samen.

Elke vogel zingt zijn lied, herders waarom zingt gij niet
Laat de citers slaan, blaast de fluiten aan
Laat de bel, laat de trom, laat de beltrom horen:
Christus is geboren!

Ondanks winter sneeuw en ijs, bloeien alle bomen,
want het aardse paradijs is vannacht gekomen.

Elke vogel zingt zijn lied, herders waarom zingt gij niet
Laat de citers slaan, blaast de fluiten aan
Laat de bel, laat de trom, laat de beltrom horen:
Christus is geboren!

Zie daar staat de morgenster, stralend in het duister
Want de dag is niet meer ver, bode van de luister

Die ons weldra op zal gaan, herders blaast uw fluiten aan
Laat de bel bim-bam, laat de trom rom-bom
Kere om, kere om, laat de bel-trom horen
Christus is geboren!

9. Kerstlied: Nu zijt wellekome

Nu zijt wellekome, Jesu lieve Heer
Gij komt van alzo hoge, van al zo veer
Nu zijt wellekome uit de hoge hemel neer
Hier al op dit aardrijk zijt gij gezien nooit meer
Kyrie eleis

Herders op den velde, hoorden een nieuw lied
Dat Jezus was geboren, zij wisten ’t niet
Gaat aan gene strate, en gij zult het vinden klaar
Beth’lem is de stede, daar is ’t geschied voorwaar
Kyrie eleis

Heilige drie koningen, uit zo verre land
Zij zochten onze Here, met offerand
Z’offerden ootmoediglijk myrrh’ wierook ende goud
’t Eren van dat kindje, dat alle ding behoudt
Kyrie eleis

10. Kerstlied: Stille nacht

Stille nacht, heilige nacht!
Davids Zoon, lang verwacht,
Die miljoenen eens zaligen zal,
wordt geboren in Bethlehems stal,
Hij, der schepselen Heer,
Hij, der schepselen Heer.

Hulploos Kind, heilig Kind,
Dat zo trouw zondaars mint,
ook voor mij hebt Ge U rijkdom ontzegd,
wordt Ge op stro en in doeken gelegd.
Leer me U danken daarvoor.
Leer me U danken daarvoor.

Stille nacht, heilige nacht!
Vreed’ en heil wordt gebracht
aan een wereld, verloren in schuld;
Gods belofte wordt heerlijk vervuld.
Amen, Gode zij eer!
Amen, Gode zij eer!

LEES MEER OVER HET BOEK ‘SPIRITUELE KERST’